Italiaanse fietsroutes

Blockhaus, de onvriendelijke reus

START

Scafa-Lettomanoppello (PE)

FINISH

Blockhaus

AFSTAND

28 km

MAXIMALE HOOGTE

2.142 m

HOOGTEMETERS KLIMMEN

2.038 m

GEMIDDELD STIJGINGSPERCENTAGE

7,3%

HOOGSTE STIJGINGSPERCENTAGE

9,4%

MOEILIJKHEIDSGRAAD

Hoog

Blockhaus. Alleen de naam al dwingt respect af. Kijk even naar de kille cijfers en de rillingen lopen al over je rug. 2.038 hoogtemeters over een afstand van 28 kilometer, met een gemiddeld stijgingspercentage van 7,3%. Een van de meest uitdagende en bijzondere beklimmingen in Europa. En de langste in Italië.

 

De naam Blockhaus klinkt Duits en dat klopt. In de 19e eeuw was het in Italië mode, om voor plekken die van militair belang waren, Duitse woorden te gebruiken. Om de bandieten die in die tijd daar rondtrokken te bestrijden, werd op de top van de berg een versterkte politiepost geplaatst. Vandaar de naam. In 2009 deed de Giro de Blockhaus aan, de winnaar van die etappe was Franco Pellizotti.

We gaan ’m vandaag met zijn tweeën rijden. Mijn vriend Max, die hier familie heeft wonen, en ik. Het is begin augustus en het is heet. Bloedheet zelfs, tegen de 30 graden op zeeniveau. Van de twee mogelijke routes hebben we de zwaarste gekozen. Branden zullen we vandaag, zowel in de benen als op ons hoofd. We bevinden ons bij de Majella, een ruig en ontoegankelijk bergmassief in de centrale Apennijnen. Eigenlijk zoals de reputatie van Blockhaus. Genadeloos, spijkerhard, voor masochisten.  We zullen zien.

We starten in Scafa. Na 10 minuten rustig klimmen duikt plotseling een reeks steile secties op, met stijgingen van meer dan 8%. Het is windstil, ik kom lucht tekort. Na nog geen 4 kilometer voelen m’n benen al als pap en zijn de bidons reeds half leeg.

 

Toch iets goeds

Het enige positieve gevoel van dit moment, krijg ik van m’n zadel. De Selle Italia SLR SuperFlow, die gisteren speciaal voor deze klim is gemonteerd, blijkt niet uit het veld te slaan. Licht, comfortabel en veelzijdig. En dankzij de grote centrale opening worden de gevoelige delen veel minder belast. Bovendien waait er een frisse rijwind door de opening, ook fijn. Dat het zadel daarnaast ook fraai oogt, is voor mij op dit moment eerlijk gezegd van minder belang.

In deze fase van de beklimming is het zaak om rustig te blijven, om niet te overdrijven, de benen te sparen. Dus niet zwaarder dan de 26 schakelen. Een hongergevoel krijg je niet in deze hitte. Des te meer is het zaak, goed te blijven eten. Anders raken de benen leeg en is het uit met de pret. De zon is onbarmhartig. Helm op? Helm af? Ik weet niet wat beter is, het is allebei warm. Gelukkig rijden we een tracé met bomen in. Schaduw! De hellingshoek vlakt bovendien wat af, waardoor het tempo wat omhoog kan.

 

Verrassing op 1.300 meter

Op 1.300 meter bereiken we de pashoogte van de Passo Lanciano, waar de lucht fris en koel is en waar, nog beter, een fontein staat met ijskoud water. Wat voelt dat goed. Zolang het duurt, want even later maakt het bos plaats voor een open hoogvlakte. We staan weer volledig bloot aan de kracht van de zon. De top lijkt echter niet heel ver weg meer en het is verleidelijk even extra aan te zetten om de duur van deze tortuur te verminderen. We doen echter het tegenovergestelde: rustiger trappen. Voor de 700 hoogtemeters die nog voor ons liggen, zullen we onze energie nog hard nodig hebben, zeker ook omdat het slechte, gescheurde en gebroken asfalt het klimmen er niet makkelijker op maakt. We gaan zó langzaam, dat ik zelfs een kever die weg oversteekt op tijd opmerk en ontwijk…

 

We zijn er bijna. Maar niet heus.

Na een laatste bocht rijden we de grindweg op van de Rifugio Pomilio, op 1.888 meter hoogte.  Het lijkt alsof we er zijn. Maar na de rifugio, achter een knik in de helling, klimt de weg gewoon weer verder omhoog. Nog even doorbijten dus. Om het nog spannender te maken, wordt de weg hier ook smaller en slechter. Het is al een hele opgave, om niet om te vallen, laat staan om hoger te komen. Maar dan bereiken we uiteindelijk toch het kapelletje dat gewijd is aan de Madonna del Blockhaus, op 2.142 meter hoogte. De reus is verslagen, we kunnen niet hoger, tenzij we de fietsen achterlaten om de ruïne van het Blockhaus te bekijken, iets verderop. De hoogste top van het Majella-massief, de Monte Amaro, ligt op 2.793 meter.

Wat een klim! Zelfs in de Alpen heb ik zoiets nog nooit meegemaakt, laat staan in de Apennijnen. Onze totale klimtijd is 3 uur en 15 minuten. Dat had misschien sneller gekund, maar als je niet weet wat je te wachten staat, is op het scherpst van de snede fietsen een riskante strategie. Nog een opmerking tot slot: hou er rekening mee, dat er aan het eind van de dag vaak een harde wind opsteekt. Vooral op de open stukken kan dat gevaarlijk zijn als je afdaalt. Ik werd zelf toen ik met 50 km/u naar beneden rolde bijna van mijn fiets geblazen …

Selle Italia

Voer je gegevens in en schrijf je in voor onze nieuwsbrief.

*verplichte velden